Borchsatelaan 58, 3055 ZL Rotterdam

Geschiedenis

Het levensverhaal van de Rotterdamsche Stoomsleepboot Dockyard III kent een rijke geschiedenis. Zo is zij tot twee keer toe aan de sloop verkocht, en tot twee keer toe gered. Haar leven van 1941 tot nu hebben we in kaart gebracht

1939 – 1946: De oorlogstijd

Het was het voorjaar van 1939 toen er uit Rusland een grote order kwam voor nog een aantal Dockyard schepen. Eerder zijn er al Dockyard schepen vertrokken naar Rusland, en deze bevielen zo goed dat er nog een aantal schepen bij moesten. Het schip werd getekend en ontworpen als sleepboot en ijsbreker. Eind dat jaar lagen de tekeningen klaar en kon er gestart worden met de bouw van het schip.

1940 was nog net een paar maanden oud en het casco van de Dockyard III was vergevorderd. Er kwam echter slecht nieuws aan. De situatie in Duitsland werd zeer zorgwekkend en de RDM wist niet wat de uitkomst hiervan zou worden. Op 10 mei 1940 bombardeerden de Duitsers de stad Rotterdam. Schepen in aanbouw werden geconfisqueerd en het staal werd gebruikt voor de oorlog. De RDM besloot dat het beter was om het schip dan maar af te laten zinken in het water, zodat het schip behouden bleef.

Zo geschiede. In 1941 verdween de Dockyard III onder water. In mei 1945 werd Nederland, en ook Rotterdam bevrijd. Het opruimen en bouwen kon beginnen. In januari 1946 besloot de RDM de Dockyard III omhoog te halen en verder af te bouwen. In maart van dat jaar was het schip klaar en liep zij van stapel.

1946 – 1981: Rotterdamse glorie

1946 was ook het jaar dat de Koude Oorlog begon. Nederland mocht geen export meer voeren naar Rusland. De RDM bleef met de Dockyard schepen zitten. Dat was echter geen probleem. Er was immers genoeg werk in de Rotterdamse haven. Vele beroemde slepen heeft de boot op haar naam staan. Voorbeeld hiervan is de sleep van het S.S. Rotterdam en het enige vliegkampschip “Hr.Mrs. Karel Doorman.”.

In de jaren erna is de Dockyard samen met de zusters Dockyard V, Dockyard VIII, en Dockyard IX druk in de Rotterdamsche haven. Er zijn twee duo’s. De Dockyard V vaart samen met de Dockyard IX en de Dockyard III vaart samen met de Dockyard VIII. Een rede hiervoor is niet te vinden, en daar kunnen we alleen maar naar gissen. Het zou kunnen zijn dat er naar de bouw van de schepen is gekeken. De Dockyard III en Dockyard VIII lijken qua bouw zeer op elkaar.

Eind jaren 70 raakt de RDM in financiële problemen. Er wordt besloten om de zuster schepen te verkopen. De Dockyard III blijft als laatste over. Oude olie en afvalproducten van andere diesel schepen worden gebruikt om de ketel warm te houden, zodat het schip rendabel blijft. Vaak wordt het schip ook gebruikt als fender (stootkussen), dit is terug te zien in haar romp.

In 1981 valt het doek voor de Dockyard III. Het schip wordt verkocht aan Stolk’s Handelsonderneming te Hendrik-Ido-Ambacht. Dit mag echter de RDM niet meer redden. In 1983 valt het doek voor de Rotterdamsche Droogdok Maatschappij.

1981 – 1993: Gebroeders Bever

De Dockyard III is aangekomen bij de scheepssloper. Er is geen kans om de snijbrander in het schip te zetten. Twee broers uit Dordrecht (Gebroeders Beltman) kopen het schip. Enkele voorwaarden: Het schip moet nieuwe naam en kleurstelling voeren, en het schip moet uiteindelijk weer worden verkocht aan de scheepssloper. Na enkele weken komt de “Gebroeders Bever” aan in de Wolwevershaven in Dordrecht. Hier wordt betimmering aangebracht in de voor en achter kajuit.

In de jaren erna wordt de “Gebroeders Bever” met liefde behandeld. Het schip wordt bijgehouden en documentatie blijft bewaard. Het schip bezoekt vele evenementen en is samen met de Finland de éérste boot die bij Vestingsdagen Hellevoetsluis aanwezig is. Ook Dordt in Stoom wordt regelmatig bezocht. Helaas blijft dit niet zo…

1993 – 2017: Naar de sloop

In 1993 komt er een nieuwe regelgeving. Een certificaat van onderzoek is vereist om verder te kunnen varen met passagiers. De eigenaren gaan hiermee niet aan de slag. De kosten beginnen parten te spelen en de “Gebroeders Bever” ligt sindsdien stil in de haven van Dordrecht. Ze wordt net nog zo liefdevol verzorgd door de Gebroeders als voorheen, maar het mag niet meer baten.

In april 2017 wordt de Dockyard III onder begeleiding van de sleepboot Argus uit de Wolwevershaven terug gebracht naar de scheepssloper in Hendrik-Ido-Ambacht. In het AD wordt een oproep gedaan voor een nieuwe eigenaar.

2017 – heden: Nieuw leven

In juni 2017 wordt het schip gekocht door Rogier Hettich uit Rotterdam. Hij heeft veel affiniteit met stoom en wilde al sinds kleins af aan een eigen stoomboot. Twee maanden later gaat het schip de helling op en worden de eerste voorbereidingen getroffen voor het Certificaat van Onderzoek. Mede dankzij de goede verzorging van de “Gebroeders Beltman” is het schip in topconditie gebleven. Diktemetingen worden gedaan, anodes worden geplaatst en de huid wordt verzorgd. Zes dagen later rolt de Dockyard onder leiding van sleepboot “Sil-Jeske-B” van BMS Towing uit Zierikzee, terug in het water en wordt zij naar de nieuwe ligplaats gebracht: Vluchthaven in Bruinisse.

In 2018 wordt er keihard gewerkt aan het schip. Zij wordt in ere hersteld. De naam veranderd van “Gebroeders Bever” naar “Dockyard III”. Ook haar kleuren zijn terug. De schoorsteen prijkt weer volop. De ketel wordt goedgekeurd en de eerste stoom is een feit. Kroon op het werk is “Dordt in Stoom 2018”. Sinds 1981 zijn er weer drie Dockyard schepen op het evenement. Na 25 jaar stil gelegen te hebben is de Dockyard III weer onder stoom en in de vaart!